|
Harde Vaticaanse excuusbrief katholiek seksueel misbruik
Artikel, Isidorusweb.nl, 20-03-10; KatholiekNederland.nl, 21-03-10
De herderlijke brief van paus Benedictus XVI over het seksueel misbruik in de Ierse kerkprovincie is vandaag gepubliceerd. De brief is ongekend hard van toon. De paus schuwt daarbij grote woorden niet en voelt zich "verslagen", "geschokt" en "verraden".
De brief van Benedictus XVI is eindelijk verzonden, gericht aan de blunderende Ierse bisschoppen, over het seksueel misbruik in hun kerkprovincie en vooral over de onhandige en onzalige manier waarmee ze de zaak in de doofpot probeerden te houden. De Nederlandse bisschoppen, ook geplaagd door 'Ierse toestanden' vinden het bij monde van mgr. De Korte een goede brief, terwijl belangenorganisaties het veel te mager vinden. Een eerste analyse van een langverwacht document.
De paus spaart de grote woorden niet. Zo is hij “diep geschokt” door het misbruik, voelt hij zich “verslagen” en “verraden” door de “zondige en misdadige handelingen” van priesters en religieuzen, maar dan vooral door de “wijze waarop de Ierse kerkleiders hier mee zijn omgegaan.” Met andere woorden: hoe de Ierse kerkleiders gefaald hebben. Benedictus: “de reden dat ik u schrijf zijn uw vaak inadequate antwoorden.” Voor een Vaticaans document gaat het er hard aan toe.
‘Gruwelijke wond’
Hoewel de paus erop wijst dat misbruik van kinderen ook buiten de kerk en buiten Ierland voorkomt, neemt hij wel verantwoordelijkheid voor hetgeen wel binnen de r.-k. gebeurd is. “Om van deze gruwelijke wond te herstellen, moet de Ierse kerk voor God en anderen de serieuze zonden bekennen die begaan zijn tegenover weerloze kinderen.” Zo’n bekentenis moet gepaard gaan met “oprecht berouw” en moet ertoe leiden dat kinderen beschermd worden voor toekomstig misbruik.
Vrome geschiedenis
Om het schaamrood nog verder op de Ierse kaken te jagen, verwijst de paus naar de vrome geschiedenis van de Ieren. “Keltische monniken als de H. Columbanus verspreidde het Evangelie in West-Europa en legden de fundamenten voor de middeleeuwse monastieke cultuur.” Met de bouw van kerken, kloosters, scholen, bibliotheken en ziekenhuizen bewees de katholieke kerk een belangrijk maatschappelijke en spirituele factor te zijn voor Europa’s identiteit. Maar nu “heeft het storende probleem van seksueel misbruik in niet geringe mate het geloof verzwakt en het respect voor de Kerk verminderd.”
Factoren voor misbruik
Dan gaat Benedictus over tot het opsommen van de factoren die tot het misbruik hebben geleid. Ook hierin is hij niet misselijk: inadequate procedures om te bepalen of priesterkandidaten de wijding ook waardig zijn; onvolledige menselijke, morel, intellectuele en spirituele vorming in de seminaries en kloosters; het aanzien van clerici in de Ierse maatschappij; en een misplaatste zorg voor de reputatie van de kerk en het vermijden van schandaal. De paus noemt deze misdaden “wonden in Christus’ lichaam”.
Aan de slachtoffers
“U heeft ontzettend veel geleden. Ik weet dat ik niets kan doen om het kwaad ongedaan te maken. Uw vertrouwen is verraden en uw waardigheid is geschonden.” De paus is wederom kritisch op zijn eigen personeel, zij het impliciet. “Toen velen van u de moed hadden gevonden te spreken over hetgeen u gebeurde, wilde niemand luisteren.” De paus vraagt de slachtoffers niet de hoop te verliezen, maar om zich te spiegelen aan het blijvende lijden van Jezus. Ook vraagt de paus later in zijn brief nadrukkelijk om vergeving van de ouders van de slachtoffers.
Aan de daders
Benedictus is hard tegen de daders van seksueel misbruik. Zij moeten zich niet alleen verantwoorden voor de God, maar ook voor “properly constituted tribunals”. Een goede verstaander leest hier niet alleen een verwijzing naar kerkelijke tribunalen in, maar ook naar seculiere rechtspraak. Veel van de misbruikgevallen zijn verjaard, maar voor God verjaart nooit iets. En mochten er meer gevallen opduiken van recentere datum, dan hoeven de daders niet te rekenen op enige sympathie van deze paus. God vergeeft zelfs de ergste zonden, zegt de paus, maar daarvoor is berouw én boete noodzakelijk. Na enkele bemoedigende woorden aan alle inwoners van Ierland geeft Benedictus enkele concrete aanbevelingen, die vooral gaan over het doen van publieke boete. De zwaartse maatregel is dan een apostolische visitatie.
Besluit
Benedictus spreekt harde woorden, als priester, bisschop en opperste herder van de r.-k. kerk. Hij spreekt harde woorden, harder dan we gewend zijn van kerkelijke documenten. Hij veegt publiekelijk zijn Ierse collega’s de mand uit en confronteert hen met verhoogde onder curatele stelling. Voor de slachtoffers is het natuurlijk niet genoeg, natuurlijk niet, en dat is niet sarcastisch bedoeld. Voor wiens lichamelijke integriteit geschonden is, bestaat geen afdoende genoegdoening.
Toch is de reactie van Benedictus ongeveer het maximum dat hij doen kan. De meeste daders zijn al lang en breed bejaard of zelfs overleden. En de bisschoppen die te lang hun ogen gesloten hebben gehouden, zullen langs diplomatieke weg doch in niet mis te verstane woorden gevraagd worden af te treden. Het Vaticaan bezit geen politiemacht noch een staatsgevangenis. Aangezien de zaken juridisch verjaard zijn, blijft hem niets anders dan plaatsvervangend door het stof te kruipen. En dat doet hij, met volle overtuiging.
Bron: Dit artikel is gepubliceerd op Isidorusweb.nl en KatholiekNederland.nl.
...
|